Een ruïne van een requiem

INTERVIEW PETER VAN DER LINT – Trouw 07/11/13

In de Sint Jan in Den Bosch wordt morgen het 'Bosch Requiem' van Rob Zuidam voor het eerst uitgevoerd. De componist liet zich inspireren door schilderijen van Jheronimus Bosch. 'Ik sidder niet voor de Dag des Oordeels.'

De afspraak voor het gesprek wordt een paar uur verplaatst. Rob Zuidam (1964) heeft de hele nacht doorgewerkt en moet wat slaap inhalen. De componist legt de laatste hand aan het 'Bosch Requiem' dat morgenavond in wereldpremière gaat tijdens het festival November Music in 's-Hertogenbosch. In de Sint Janskathedraal nog wel. Zuidam maakte een drie kwartier durend stuk voor het Asko|Schönberg, het Nederlands Kamerkoor, elektrisch violiste Monica Germino en vier zangsolisten. Reinbert de Leeuw zal de eerste uitvoering leiden.

Zuidam is dit jaar festivalcomponist van het vier dagen durende November Music, er klinkt dus meer werk van hem in de Brabantse hoofdstad. Maar dat requiem, waaraan hij afgelopen nacht zijn slaap opofferde, springt het meest in het oog.

Moeite met deadlines?

"Nee, eigenlijk niet, nee. Maar ik kan wel moeilijk afscheid en afstand nemen van een nieuwe compositie. Ik heb de neiging om maar door te blijven pielen aan een stuk. Want op het moment dat je het loslaat, uit handen geeft, dan kun je er eigenlijk niets meer aan doen. Tijdens de repetities is het nog wel mogelijk om wat dingetjes te veranderen, maar niet veel. Natuurlijk zijn alle belangrijke zaken al een tijdje klaar. De zangers bijvoorbeeld hebben hun muziek allang in hun bezit. Deze nacht heb ik nog wat zaken zitten orkestreren, en dat werd natuurlijk ook wel eens tijd, niet?"

Wat voor werk is het geworden?

"O, wat een moeilijke vraag is dat. Ik heb het gevoel dat ik een paar maanden voor een groot schilderij heb gestaan en alleen maar naar verschillende details heb zitten turen. Het is heel lastig om nu het geheel weer te zien. Het stuk bestaat uit negen delen en ik hoop dat het een mooi drama is geworden over de sterfelijkheid van de mens. Dat was althans mijn bedoeling."

Over schilderij gesproken. Heeft u zich laten inspireren door de werken van Jheronimus Bosch, de naamgever aan dit requiem?

"Laat ik meteen zeggen dat dit stuk niet een soort 'Schilderijententoonstelling' à la Moessorgski is geworden. Maar de werken van Jeroen Bosch hebben wel als inspiratie gediend. Zo is er een paneel uit 'Visioenen uit het hiernamaals', waarin je in een tunnel van hel licht engelen ziet komen om de gelukkigen naar het paradijs te geleiden. Beeld en klank laten zich heel moeilijk één op één vertalen, maar in het 'In paradisum' laat ik - daarop geïnspireerd - wel stemmen heel ijl in de hoogte zingen.

"En op Bosch' schilderij 'De kruisdraging' zie je Christus die het kruis draagt omringd door een menigte mensen met boertige, lelijke koppen. In het openingsdeel 'Requiem aeternam' laat ik daarom veel mensen door elkaar heen roepen. Het idee daarvoor kreeg ik toen ik dat schilderij zag."

Zo te horen heeft u de oorspronkelijke teksten en onderdelen van de Requiemmis gebruikt.

"Ik heb in die teksten gegrasduind en heb er brokstukken uit genomen. Het is een soort ruïne van een requiem geworden. Zo heb ik bijvoorbeeld niets met het Dies Irae en de teksten over de Dag des Oordeels en de Scherprechter. Dat zijn natuurlijk dramatische, theatrale teksten, maar dan moet je er zelf ook wel echt bang voor zijn, en dat ben ik niet. Ik sidder niet voor de Dag des Oordeels. Kijk, ik heb geen perfect parcours afgelegd in mijn leven tot dusver, maar ik weet ook dat ik geen slecht mens ben.

"Ik heb een heel groot, buitenproportioneel Kyrie gecomponeerd. De mens die veel vraagt van God. Ontferm u over ons. Ik laat dat woord kyrie ontelbare keren herhalen. Ik zoek in composities vaker naar grenzen, naar hoe ver ik kan gaan. Die oprekking van het kyrie - het duurt zo'n tien minuten - kan fascinerend theatraal zijn. Dat is in elk geval de bedoeling. Maar het is een dunne lijn, het zou ook zomaar strontvervelend kunnen zijn. Dat is wel een scheidslijn die ik graag opzoek, het omslagpunt tussen wanneer iets nog fascineert en wanneer het vervelend wordt.

"Het Sanctus is bij mij een bad van geluid met een mooie solo voor bariton Thomas Oliemans. Die herhaalde uitroepen van het woord sanctus, dat klinkt bijna net zo als wanneer op het eind van een wedstrijd van Barcelona de naam van Messi door de fans gescandeerd wordt. Mes-si, Mes-si, Mes-si! Ja, je kunt je afvragen wat 'Heilig' is, maar als Messi goed bezig is, dan is dat wel heel bijzonder."

Heeft u ter voorbereiding geluisterd naar andere bekende Requiems in het repertoire?

"Ja, dat heb ik zeker gedaan. Dat is goed om te doen, vooral om te ontdekken wat je zelf wilt, en vooral wat je niet wilt. Dat hele gedoe bij het Dies Irae, zoals bij Verdi en Berlioz, dat is niets voor mij. Begrijp me goed, ik vind het fantastische muziek, maar zoals ik al zei heb ik niets met de tekst. In het Tuba Mirum, een solo voor Helena Rasker, laat ik natuurlijk wel lekker het koper schetteren. Overigens komt in mijn requiem het beruchte Dies Irae-thema wel voor. Na het Kyrie is er een solo voor Monica Germino op de elektrische viool, waarin het thema opduikt. Germino staat in dit werk symbool voor de dood. Het Agnus Dei heb ik gezet voor contratenor, harp, elektrische viool en een koor op de achtergrond. Magere Hein is dus ook daar aanwezig. Het Lam Gods wordt in wezen in muzikale zin geslacht door die elektrische viool."

Het requiem is uit uw handen. Wat nu?

"Ik ga bij de repetities zitten. Dat hoeft eigenlijk niet want Reinbert kent mijn muziek heel goed. Ik ga een beetje onnadrukkelijk halverwege de zaal zitten, en ben er als er bepaalde accenten verlegd moeten worden of zo. Het is vaak een kwestie van een beetje masseren. Je stapt eens naar de zangers toe om over wat kleinigheden te praten, maar verder laat ik het meestal over me heen komen.

"Je eigen muziek de eerste keer horen is altijd weer verschillend. Al vind ik wel dat het meestal vrij snel duidelijk is of een stuk werkt of niet. Ik ben wel benieuwd ja. Ik heb er de afgelopen tijd te veel met mijn neus bovenop gezeten. Ik weet dat de negen afzonderlijke delen goed zijn, maar of het als geheel werkt, als tableau, dat ervaar je pas tijdens de repetities. Ja, dat is elke weer spannend. Toch de tewaterlating van een schip.

"Ik heb er vertrouwen in. Ik wist van tevoren dat het requiem in de Sint Jan uitgevoerd zou worden, dus het is voor een grote ruimte geschreven. En dan heb ik ook nog zelf de zangers uit mogen kiezen. Ik heb met hen allemaal eerder gewerkt en ik weet wat ze kunnen. En toch daag je ze steeds een beetje uit, want daarmee daag je ook jezelf uit."

November Music
November Music begint vanavond in de Hervormde Kerk in Den Bosch met een concert door de philharmonie zuidnederland. Sopraan Katrien Baerts zingt dan delen uit Zuidams 'Rage d'amours'. Verder muziek van Mayke Nas en Arvo Pärt.

Het 'Bosch Requiem' van Zuidam klinkt morgen in de Sint Janskathedraal. Reinbert de Leeuw dirigeert het Asko|Schönberg, het Nederlands Kamerkoor, Katrien Baerts, Helena Rasker, Pascal Bertin, Thomas Oliemans en Monica Germino. Op die avond klinkt ook 'Lux aeterna' van Ligeti, en zal Louise Fresco een essay over Bosch Requiem 2013 voordragen. Voor het hele programma kijk op: www.novembermusic.net

 

return to Homepage